boodschap Ludo Abicht tijdens prelude

vredeswake7EER DE WERELD VERGAAT

Tussen villa Wahnfried en de nieuwe oorlogseilanden

In 1874 betrok de succesrijke componist en meester van het “Totale kunstwerk” Richard Wagner zijn nieuwe villa in Bayreuth. Boven de ingang van deze woning liet hij de bevreemdende naam “Wahnfried”, schijnvrede, aanbrengen. Dit paste in zijn door de pessimistische filosoof Arthur Schopenhauer geïnspireerde opvatting van het leven en de wereld: we worden onverbiddelijk voortgejaagd door de zogenaamde Levenswil, een noodlot waaraan geen enkel levend wezen, van planten tot mensen ontsnapt. We kunnen ons hooguit een tijdlang de illusie, de waan van geluk of op zijn minst rust bezorgen door boeddhistische ascese en onthechting of door de schoonheid van een harmonische kunst. Maar ook deze momenten van bevrediging en geluk zijn niets anders dan troostpogingen die onze wanhopige situatie niet wezenlijk kunnen veranderen.
Het is hier niet de bedoeling na te denken over de fascinerende loopbaan van Richard Wagner, van democratische, door de politie gezochte rebel tijdens de revolutie van 1848 tot de Meester van Bayreuth en de Festspiele in een familale en artistieke omgeving die zowel bekend werd om haar interesse voor mystiek en godsdienst als, helaas, ook vanwege het toenemende antisemitisme dat in Duitsland en Europa de kop opstak. Het is in het kader van deze vredeswake vooral belangrijk dat we ons eraan herinneren dat het jaar 1874 drie jaar kwam na de glorieuze overwinning van Pruisen op het Franse Keizerrijk en dus ook aan het begin stond van het triomferende Tweede Duitse Keizerrijk, waarin patriottische trots en chauvinistisch imperialisme hand in hand gingen met de opkomst van de nieuwe industriële burgerij, de Gründerzeit van de politieke en economische elite. De vraag is legitiem, waarom uitgerekend in deze periode grote kunstenaars als de toen nog jonge Thomas Mann, maar ook Fredrich Hebbel en Richard Wagner, gefascineerd waren door de donkere visie van Schopenhauer? De ondergang van een gevestigde en alom gerespecteerde familie als de Buddenbrooks of de Götterdämmerung, die als een weerspiegeling van de komende deemstering van de mensheid kan begrepen worden, stonden toch haaks op het stabiele optimisme en de protserige zelfzekerheid van deze nieuwe welvarende burgerlijke klasse? Wagner zal zichzelf nooit als een kanarievogel in een koolmijn beschouwd hebben, en toch kondigde ook zijn triomfantelijk oeuvre reeds vroeg een tijdperk van conflicten, geweld en catastrofen aan die vanaf augustus 1914 het karakter van de twintigste “eeuw van de uitersten” (Hobsbawm) bepaald hebben, rampen, misrekeningen en misdaden tegen de menselijkheid waar we vandaag, een eeuw later, nog steeds door getekend zijn. Dat is dus de eerste cruciale vraag: is de enige vrede waar we realistisch naar kunnen verlangen een schijnvrede, een Wahnfried in een wereld van zowel krottenwijken als prestigieuze villa’s die voorlopig veilig beschut zijn tegen de oprukkende ongelijkheid in een technologisch en economisch steeds meer ééngemaakte wereld?
Tussen Wagner en de Poolse Nobelprijswinnaar voor Literatuur Ceslaw Milosz liggen drie oorlogen en een aantal genocides, gebeurtenissen waarvan deze uit zijn land gevluchte dichter van dichtbij getuige geweest is. Daarom krijg je het gevoel dat zijn gedicht “Een gelukkig leven” bijna evengoed in één van de salons van villa Wahnfried had kunnen geschreven zijn:

Zijn oude dag viel samen met jaren van overvolle oogsten.
Er waren geen aardbevingen, droogtes of overstromingen.
Het leek alsof de overgang van de seizoenen steeds regelmatiger werd.
De sterren werden groter en de zon verhoogde zijn macht.
Zelfs in afgelegen provincies werd geen oorlog gevoerd.
Er groeiden generaties op van vriendelijke medemensen.
De rationele natuur van de mens was geen onderwerp van spot.
Het was bitter van een zodanig vernieuwde aarde afscheid te nemen.
Hij was jaloers en beschaamd over zijn twijfel.
Tevreden dat zijn verscheurde herinnering met hem zou verdwijnen.

Twee jaar na zijn dood vernielde een wervelstorm de kusten.
Uit honderd jaar lang gedoofde vulkanen steeg rook op.
Lava bedekte bossen, wijngaarden en steden
En de oorlog begon met een gevecht op de eilanden.

Klinkt dit bekend? Herkennen we ons in deze brave man die na alles wat hij had meegemaakt uiteindelijk gelukkig was met de staat van de wereld? De vrede, waar hij altijd zo naar verlangd had, was werkelijkheid geworden. En beseffen we tegelijkertijd dat ook hij in een kortstondig moment van schijnvrede geleefd had, terwijl het niet lang duurde voor de harde realiteit opnieuw uitbrak? Een oppervlakkige blik op het aanbod van Internetprogramma’s als Groupon, en dit is maar één van de vele sites, toont ondubbelzinnig aan dat de consumenten, anders gezegd de overweldigende meerderheid van de bevolking in relatief welvarende en democratische rechtsstaten, actief op zoek zijn naar allerlei methodes om deze schijnvrede te verzekeren, van wellness tot volledige ontharing en van gastronomische weekends op een heus kasteel tot spirituele ervaringen door middel van yoga, meditatie of mindfulness. Ik vermoed dat deze firma’s, want dat zijn ze uiteraard, ook een rijkelijk aanbod aan geestesverruimende middelen en opwekkende drugs zouden aanbieden, indien dit niet bij wet verboden zou zijn. Het komt erop neer dat we in een tijdperk van 24/7 media, de kernachtige formule voor wat vroeger de alomtegenwoordigheid en voortdurende aanwezigheid van God heette, uiteraard moeilijk kunnen ontsnappen aan onprettige informatie over wat Milosz het “gevecht op de eilanden” noemde, van Oost-Congo tot het Midden-Oosten en van het noorden van Mexico tot het zuiden van Soedan. En omdat het klopt dat “waar de nood het hoogst is, het zelfbedrog bijzonder nabij” is – denk maar aan de schrijnende verhalen van veroordeelde gevangenen in concentratiekampen die tot op het laatste ogenblik aan een wonderbaarlijke redding bleven geloven, iets wat we trouwens ook bij veel terminale kankerpatiënten ervaren -, verkopen al deze relatief goedkope formules voor schijnvrede als warme broodjes van een biologische bakker. En intussen gaan de oorlogen door.
Het is tegen deze comfortabele schijnvrede dat wij, die geen grote politieke beslissingen kunnen nemen, ons elke dag opnieuw moeten verzetten. We moeten onszelf en de anderen een authentiek weten schoppen, een weten dat verontrust en tot nadenken en actie aanzet. Niet naïef optimistisch en ook niet modieus pessimistisch, maar realistisch, dat wil zeggen echt en waarachtig. Want als wij het niet doen, wie zal het dan wél doen?

Ludo Abicht
Langemark, 3 november 2013