Het leven kan vreemde wendingen nemen. Acht jaar geleden vluchtten Perparim en Albana Kuptira weg uit Albanië. Noodgedwongen, ze hadden geen andere keuze. In 2009 kwamen ze in Izegem in een kleine en ongezonde woning terecht, waar hun oudste dochter Aranta werd geboren. Het gezin zocht hulp bij de pastoor. Die riep er Rita Vandenberghe bij. Zij is de oprichtster-bezielster van ASKOVI, een vereniging voor onthaal en opvang van asielzoekers en mensen zonder papieren in Izegem. Rita ontfermde zich over het gezin Kuptira, keek voor hun papieren en zocht een andere woning. Perparim en Albana leerden Nederlands en via ASKOVI ontmoetten ze heel wat mensen. Toen werden ze overgeplaatst naar Pondrome, een onthaalcentrum voor asielzoekers in Wallonië. Daar werd in 2013 hun tweede dochtertje Ambre geboren. De band met Izegem bleef echter, dankzij regelmatige bezoekjes van Rita en haar man Pol aan Pondrome. Eind 2014 werden Perparim en Albana erkend als politiek vluchteling. Ze keerden blij terug naar Izegem, waar ze een feest organiseerden voor al hun Izegemse vrienden. Hun vreugde was echter van korte duur, want én Rita én Perparim werden ziek. Enig lichtpuntje: in oktober 2015 kregen Perparim en Albana een flinke zoon: Alban. Het was de periode dat Rita enkele mensen aansprak om een netwerk rond Albana te vormen. Kort daarna kreeg papa Perparim een hartfalen en liep een Niet Aangeboren Hersenletsel (NAH) op. Sindsdien is hij zeer beperkt en verblijft in een zorginstelling. ‘Vredesvrouw’ Rita Vandenberghe stierf op 10 november 2016.

Albana: “Het is niet gemakkelijk als je er alleen voor staat, met drie heel kleine kinderen, in een vreemd land, ver weg van je familie. Maar toen Rita ziek werd, en Perparim een hartfalen kreeg, groeide er bijna vanzelf een kring van vrijwilligers, die – tot op vandaag – met mij (en de kinderen) op bezoek gaan bij Perparim. Ze helpen mij met de opvang, met mijn papieren of klaren een klus in huis. Vrijwilligers zoals Marijke, Lieve, Ine, maar ook de man van Rita, Pol Degryse, en vele anderen, zoals Leen en Martine, die Aranta helpen bij het leren lezen. Het doet me deugd zo warm omringd te zijn en te weten op wie ik voor wat een beroep kan doen.”

Een van de vrijwilligers rond Albana is Marijke Vandenberghe uit Pittem (op de kalender zie je Marijke, de kleine Alban en Albana). Marijke: “Ik ben 56 jaar. Toevallig maakte ik kennis met Albana en Perparim, eerst in Izegem, dan in Pondrome, dan weer in Izegem. Beetje bij beetje groeide ik mee in hun verhaal. Als kleine schakel binnen het ASKOVI-netwerk ben ik blij mijn steentje te kunnen bijdragen in de ondersteuning van Albana en haar kinderen. Ik krijg er vaak meer voor terug dan ik kan geven: een stevige portie vriendschap en vertrouwen, en veel moed en kracht. Hoedje af voor mensen als Albana!”

Lieve Vierstraete uit Izegem is de draaischijf van het netwerk. “Elke maand stuur ik een mailtje naar de vrijwilligers en maak een schema wie er in welke week met Albana (en de kinderen) op bezoek gaat bij Perparim. Het was Rita die me vroeg dit te doen. Toen Albana bevallen was van Alban en Perparim een hartfalen kreeg, sprong ik bijna dagelijks binnen om te luisteren, wat met de kindjes bezig te zijn, soms wat eten te brengen. Met het gezin Kuptira en ons gezin gaan we ook eens zwemmen of help ik wat bij de administratie voor school. Vrijwilligerswerk doe ik vanuit  dankbaarheid voor wat het leven mij gaf. Het geeft voldoening dat je naast je eigen gezin en werk, een vangnet kunt zijn voor anderen. Wat lastig is, is zien wat dit gezin doormaakt en vaststellen dat je hun problemen niet kunt oplossen.”

Ook Ine Buyck, schoondochter van Rita, is één van de vele vrijwilligers binnen het ASKOVI-netwerk.  “Mijn twee kinderen en Albana’s drie kinderen zijn ongeveer van dezelfde leeftijd: dat schept een band. Groot verschil is dat mijn man Bert en ik met twee zijn, terwijl Albana er alleen voor staat. Bovendien heeft Albana hier geen familie, wij wel. Sinds ik Albana (en haar zorgen) ken, heb ik geleerd ‘content’ te zijn met gewone dingen en minder wakker te liggen van kleine bekommernissen. Het is gemakkelijk om bij het gezin te vertoeven. Je voelt je er altijd welkom en soms ben  je er echt nodig. Het is leuk de kinderen een verhaaltje voor te lezen, een kort uitstapje met hen te doen of voor de kleine Alban te zorgen terwijl Albana de meisjes in bad stopt. Soms voel ik me wel schuldig omdat mijn inzet zo beperkt is. Het moeilijkste vind ik het verschil tussen hun kansen en onze kansen. Zo confronterend allemaal.”

Dominique Coopman