Vredeswake 29 mei 2016

WELKOM

Imagine…
Stel je voor… een wereld zonder religie…
Zou dat de sleutel zijn tot vrede?
Veel mensen zullen dat vandaag graag geloven – de recente terroristische aanslagen in gedachten, of ander geweld van vroeger en nu, gepleegd in naam van God…
“Terrorisme heeft niets te maken met Mohammed, zoals de kruistochten niets te
maken hadden met Jezus.” Dat zegt Karen Armstrong, wereldwijd erkend als een
groot en onpartijdig expert wat religie betreft.
Oorlog en geweld draaien altijd om macht, conflicten vinden hun oorsprong in hebzucht, afgunst en ambitie. Religie wordt schaamteloos misbruikt om andere motieven aanvaardbaar te doen lijken.
De kern van alle religieuze, spirituele en ethische tradities is ‘compassie’
mededogen – de zogenaamde ‘gulden regel’: behandel altijd iedereen zoals je zelf
behandeld wil worden.
In die kern vinden miljoenen mensen wereldwijd de kracht en de inspiratie om te werken aan vrede en om dat soms lastige vredeswerk ook vol te houden.
Dat is het wat wij vandaag, tijdens deze zesde vredeswake, in de verf willen
zetten: dat alle grote religies in wezen evenveel wegen zijn naar vrede, en dat
geloof en spiritualiteit enorm veel betekenen voor wie werk wil maken van vrede.
We hebben een reeks bijzondere gasten in ons midden, die daarvan zullen getuigen
en die wij van harte verwelkomen:
– Laurien Ntezimana
– Mustafa Kus
– Marijke Deconinck
– Geert Acke
– Nadia Fadil
– Bleri Lleshi
Speciaal welkom ook aan het koor De Colores onder leiding van Filip Bisschop, aan
sopraan Inge Zutterman en pianist Martijn Devos die met prachtige muziek en
gezangen zorgen voor een vredeswake met spirit. Daarbij een klein verzoek: wil uw
applaus voor het koor opsparen tot het einde van de wake!
En uiteraard: HEEL HARTELIJK WELKOM AAN U ALLEN, of u er nu voor het eerst bij
bent of nog geen enkele vredeswake gemist hebt.
WEES WELKOM,
laat je raken door bezielde woorden,
laat je uitdagen tot VREDESWERK met SPIRIT!

ONZE DROOM – DEEL 1

Stel je eens voor … als dat zou kunnen … dat mensen hun diepste dromen leren kennen en er een naam aan geven, waardoor steeds meer jongeren van nu zich een andere en betere toekomst kunnen verbeelden: die van een diverse, verrijkte en vredelievende samenleving. Stel je eens voor, als dat zou kunnen … Maar zo eenvoudig is dat niet. Onze dromen worden al te vaak beïnvloed en uitgebouwd door enorme machtsapparaten. Dromen die niet met geld te maken hebben worden gauw afgedaan als illusies: iets voor naïevelingen en loosers. De oplossing van de neoliberale technocraten is trouwens: schaf ze af, schaf ze af al die dwaze dromen!
Maar vandaag niet. Vandaag niet. Hier en nu, al zeker niet. En morgen ook niet! … Niet? Wij hebben toch recht op onze diepste dromen, want ze hebben te maken met ons samenleven en al wat ons dierbaar is: onze broers en zussen ver weg en dichtbij, onze families, gemeenschappen … zij die honger hebben, niet naar school kunnen, die op de vlucht zijn voor oorlog en geweld, honger …; al die mensen wier lot ons, goddank, raakt tot in ons hart … Onze aller diepste droom, mijn diepste droom is een droom van vrede, rechtvaardigheid en liefde. Ook jouw droom!?

Vredeswake-7468GETUIGENIS Laurien Ntezimana

Mijn inspiratie voor een levenslang engagement in dienst van de vrede

Ik ben de jongste in een familie van tien kinderen. Mijn vader was één van de eerste catechisten van de katholieke Kerk in Rwanda. Tijdens de revolutie van 1959 heeft hij Tutsi’s beschermd met alle bijhorende risico’s en gevaren. Mijn oudste zus, Félicité Niyitegeka, was de eerste Afrikaanse vrouw die in Lourdes gevormd werd tot ‘medewerkster van het apostolaat’. Zij werd gedood tijdens de genocide van 1994 die het gemunt had op de Tutsi’s. Zij weigerde immers haar solidariteit op te geven met de Tutsi’s die zij verborgen had in het Centre Saint Pierre, een centrum dat zij in Gisenyi zelf leidde. Het land heeft haar erkend als nationale heldin en de Rwandese kerk wil haar laten zalig verklaren. Mijn vader en mijn oudste zus hebben mij de weg naar God gewezen. Zo ben ik theologie en menswetenschappen gaan studeren in Rwanda, Kinshasa en Leuven, waar ik in 1990 mijn theologie-studies heb beëindigd.
Ik ben gehuwd in 1983 met Marie Madeleine Karamira, hier aanwezig, en wij hebben het leven geschonken aan vier mooie kinderen aan wie wij de volgende symbolische namen hebben gegeven: Abikunda, ‘door God bemind’; Bayikunde, ‘mogen zij God beminnen’, Bakunde, ‘mogen zij beminnen’, Ukwikunda, ‘zoals Hij bemint’. Ziedaar samengevat wat ik als de zin van mijn leven omschrijf: ‘mij inlaten met hen die door God bemind zijn, dit is alle mensen, opdat zij God beminnen en elkaar beminnen zoals Hij bemint, dit wil zeggen onvoorwaardelijk.’
Om dat vuur van liefde voor God en voor de mensen te verspreiden, heb ik in Leuven in 1990 het praktische begrip van ‘la bonne puissance – de goede kracht’ ontwikkeld. Het omvat drie aspecten: het aspect ‘stabiliteit’ of ‘geen vrees hebben’, geworteld in het besef kind van God te zijn, en dus altijd veilig te zijn zoals Jezus dank zij de macht van God; het aspect ‘energie’ of ‘niet-berusten’ wat ik ontwikkel door oefeningen ontleend aan de Chinese cultuur van qi gong en tai ji; en het aspect ‘eenheid’ of ‘niet-uitsluiting’, wat voor mij het hart is van het Evangelie van Jezus.
Door dit praktisch begrip in praktijk te brengen heb ik tijdens de oorlog in Rwanda tussen 1990 en 1994 met mijn collega’s Modeste en Innocent ‘de weg van de vrede’ ontwikkeld. Wij hebben christenen van ons bisdom en maatschappelijke verantwoordelijken van onze administratieve omschrijving in die zin gevormd.
Dank zij ‘deze kracht ten goede’ heb ik tijdens de genocide tegen de Tutsi’s in 1994 een aantal van hen kunnen beschermen. Zo hebben enkele collega’s en ikzelf een groep kinderen naar Burundi kunnen overbrengen om hen te redden. In februari 2003 werd mij daarvoor de ‘Theodor Haecker prijs’ toegekend, een prijs voor burgerlijke moed en politieke waarachtigheid. Dit gebeurde in de Duitse stad Esslingen am Neckar.
Dank zij ‘de goede kracht’ hebben priester Modeste en ik die de genocide hadden overleefd – Innocent werd helaas op 30 april 1994 gedood – animatoren en ook kernen van vredestichters kunnen vormen om op de heuvels van Zuid-Rwanda de vrede te herstellen. Daarvoor kregen we in november 1994 de Vredesprijs van Pax Christi International.
Ook dankzij ‘de goede kracht’ heb ik, na het onverwachte overlijden van priester Modeste op 4 mei 1999, in februari 2000 de ‘Vereniging Modeste en Innocent’, kortweg AMI, opgericht om met succes de vredesmissie van deze te vroeg verdwenen vrienden verder te zetten. Ter erkenning van de kwaliteit van die vereniging ontving ik in Brussel in 2013 de prijs ‘Harabuntu’. AMI zelf ontving in maart 2014 in Wuppertal de Oecumenische vredesprijs voor de Grote Meren.
In 2009 heeft paus Benedictus XVI mij uitgenodigd op een speciale vergadering ter voorbereiding van de bisschoppensynode over Afrika. Daar mocht ik het concept van ‘de goede kracht’ presenteren als betrouwbaar instrument voor het werk van rechtvaardigheid, vrede en verzoening.
Ik geef les over het concept ‘la bonne puissance’ hier in België aan het Internationaal Instituut Lumen Vitae en aan de ‘Afrikaanse Vredesuniversiteit’. Jaarlijks heeft deze Vredesuniversiteit afwisselend gedurende drie weken plaats in een ander land. Op vraag van een gemeenschap uit een land in moeilijkheden zetten de laureaten van deze Vredesuniversiteit – vandaag ruim 200 uit diverse nationaliteiten – zich in als ‘Internationale Vredeswerkers’. Dat gebeurt in het kader van een structuur die de naam draagt ‘Actieve en snelle geweldloze interventie’. Zo was ik onlangs gedurende zes maanden met collega’s uit verschillende Afrikaanse landen voor een dergelijke interventie in de Centraal-Afrikaanse Republiek. Dat was op vraag van een platform van diverse geloofsovertuigingen dat moslims en katholieke en protestantse christenen verenigt.
Ziedaar mijn inspiratie voor een levensengagement in dienst van vrede: het praktische concept van ‘la bonne puissance’, geïnspireerd door het Evangelie van Jezus, versterkt vanuit de Tao-filosofie en concreet gemaakt via een dagelijkse training van qi gong en tai ji. Als die ‘goede kracht’ met passie en regelmaat beoefend wordt, dan laat dat begeesterende werk toe een aanwezigheid te ontwikkelen die orde en rust brengt in chaos. Dat is een onmisbare voorwaarde om vredestichter te worden.
Ik dank u.

TOELICHTING BIJ HET HANDVEST VOOR COMPASSIE

Het getuigenis van Laurien bracht ons zonet één van de moorddadigste conflicten uit de recente geschiedenis in herinnering – de Rwandese genocide. Maar het maakte vooral duidelijk hoe mensen vanuit hun geloof een ‘goede kracht’ – een ‘bonne puissance’ – kunnen ontwikkelen om zelfs in de meest onmenselijke omstandigheden te volharden in vredeswerk.
Dat geloof en spiritualiteit inspireren tot vrede, hoeft eigenlijk niet te verbazen. De wereldwijd geprezen Britse religie-experte Karen Armstrong bestudeerde jarenlang de grote religieuze, spirituele en ethische tradities. Ze kwam tot het inzicht en de overtuiging dat ‘compassie’ – mededogen – de kern is, het wezen van elk van die tradities.
Het kloppend hart van alle wereldreligies is de beroemde Gulden Regel: Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet. Of positief geformuleerd: behandel de ander zoals je zelf behandeld wil worden.
4031Bij Armstrong groeide het verlangen om ‘compassie’, mededogen, de Gulden Regel over alle religieuze verschillen heen te versterken als basiswaarde en in het middelpunt te plaatsen van het menselijk handelen en streven.
Samen met tal van religieuze en morele wereldleiders schreef ze een Handvest voor Compassie uit, dat op 11 november 2009 wereldwijd gelanceerd werd. Er wordt intussen in bijna 50 landen actief rond gewerkt. We hopen stilletjes dat deze vredeswake de aanzet mag zijn tot de ‘landing’ van het Handvest in Vlaanderen.
Nederland was er van bij de start in 2009 bij om het Handvest te verwelkomen. Sindsdien wordt ook jaarlijks een Compassieprijs uitgereikt en die ging vorig jaar naar de Stichting Omalief. Initiatiefnemer en bezieler van Omalief is Mustafa Kus. We zijn bijzonder blij en vereerd dat Mustafa vandaag bij ons is en luisteren nu graag naar zijn getuigenis.

DRIE GETUIGENISSEN UIT DRIE TRADITIES

Wij mogen nu luisteren naar drie getuigenissen…
…van mensen die zich door hun geloof of spirituele traditie bezield weten in hun dagdagelijkse doen en laten…
…die er kracht vinden om kleine en grotere stappen te zetten naar vrede en op die soms lastige weg te volharden…
Zij ronden hun getuigenis af met een favoriet gebed dat gevolgd wordt door een korte muzikale meditatie.
We luisteren achtereenvolgens naar…
…Marijke Deconinck, die zich in haar engagement geïnspireerd weet door Jezus’ Blijde Boodschap…
…Geert Acke, die in de boeddhistische traditie een weg vindt om bezield in het leven te staan…
…Nadia Fadil, die zich met de Koran als gids inzet voor mens en samenleving…

Vredeswake-7626Marijke Deconinck,

gehuwd, mama geworden van 3 kinderen en oma van 3 kleinkinderen,
geschoold door het werken tussen mensen met beperkingen,
geroepen tot bondgenoot van gedetineerden en hun families

“Waar is je broer?”
“Ben ik soms de hoeder van mijn broer?”
Twee vragen uit het boek Genesis, het boek van de menswording.

Ruim 20 jaar geleden stuurde ik als lid van een assisenjury een man voor vele jaren naar de gevangenis. Recht was geschied, de man was veroordeeld.

De man? Of was het de misdaad? Vanwaar komt die blijkbaar diepgewortelde reflex om een dader te doen samenvallen met zijn misdaad? Is het een vorm van wraak nemen? Is het de angst, angst voor die ‘ongewenste bij uitstek’? Hebben wij een ‘vijand’ nodig om alle kwaad op te kunnen projecteren?

“Vrees niet!”
“Waar is je broer?”
Wié is mijn broer?
Door het project Tralies uit de weg, een initiatief ontstaan op vraag van enkele gevangenisaalmoezeniers, kreeg ik de kans om deel te nemen aan gespreksavonden in de gevangenis. Een ontmoeting tussen mensen van binnen en buiten de muren, een wonderlijke kans om mijn broer, mijn zus te herkennen.
Vele jaren al mag ik deelgenoot zijn van zoveel verdriet, zoveel onmacht, zoveel kwetsbaarheid, zoveel gekwetst-zijn, zoveel onverwerkt verleden, zoveel angst, zoveel schaamte …. maar ook zoveel verlangen, zoveel goede wil!

Ik leerde behoedzaam worden in mijn denken en spreken over…
Waarom en wát schreef Jezus in het zand?
Ik leerde hoe belangrijk het behouden van een netwerk is, om te overleven.
En wat als dit er niet meer is????
Wanneer mensen bereid zijn om diep in elkaar’s ogen te kijken, dan ziet men geen labels meer. Men ziet geen taal of komaf of een nationaliteit. Wat men wel ziet is een ziel en wie een ziel ziet, ziet zuiverheid, warmte en vooral kwetsbaarheid. ~ Badr YouyouWanneer mensen bereid zijn om diep in elkaar’s ogen te kijken, dan ziet men geen labels meer. Men ziet geen taal of komaf of een nationaliteit. Wat men wel ziet is een ziel en wie een ziel ziet, ziet zuiverheid, warmte en vooral kwetsbaarheid. ~ Badr Youyou
Eind de jaren zestig schreef de protestantse theologe Dorothée Sölle
in haar politiek avondgebed deze aanklacht:

Ik was in de gevangenis
en jullie hebben zich niet om mij bekommerd.
Ik was in de gevangenis
en jullie hebben mijn gezinsleden genegeerd
en hen erop aangekeken.
Ik was in de gevangenis
en jullie hebben jullie kinderen verboden
om met mijn kinderen te spelen.
Ik was in de gevangenis 
en het kon jullie niet schelen
dat mijn huwelijk strandde.
Ik was in de gevangenis 
werd ontslagen en vond geen nieuw werk.
Ik was in de gevangenis
en jullie zeiden dat het allemaal geen zin had,
want ik zou toch hervallen.

Willen wij mensen ‘met een verleden’ toch nog toekomst gunnen en geven?
Zoals die vader die op de uitkijk stond?
Het is geen vanzelfsprekende weg. En toch …
Toch is het ónze verantwoordelijkheid.
Wij zijn tot elkaar veroordeeld.

Een tekst die mij telkens opnieuw in beweging brengt, is de oeroude psalm 88.
Het zou het gebed van een gedetineerde kunnen zijn.

Psalm 88 in een hertaling van Huub Oosterhuis

Hoor je mijn gekrijt
af en aan – je hoeft
niets te zeggen jij
als je me maar hoort.
Nacht staat om mij heen
hoge blinde muur
woest en leeg van ziel
dwaal ik in mezelf
een die niets begint
een die niet kan gaan
stenen in een kuil.
Zeggen ze ‘kom op’
maar ik weet niet hoe
en ik roep de dood
en ik denk me weg
vallend uit de tijd
buiten jouw bereik
tot waar niemand niets
uitgewiste naam.
Al mijn liefsten zijn
heen ondenkbaar ver
een afschuwelijk ding
ben ik stinkend aas
niemand wil me meer
tot vergetelheid
dood is dood gedoemd
ben ik – waar en wie
ben jij die zou zijn
die zou zijn met mij –

hoor je mijn gekrijt?

Vredeswake-7696Geert Acke,

Vader van drie jongvolwassen studerende kinderen
Volgde een opleiding klassieke muziek in Leuven en is adjunct-directeur bij de Stedelijk Academie voor Podiumkunsten te Roeselare,
Is zenstudent van Frank De Waele Roshi en mede–bezieler van Zen Sangha Kortrijk

De praktijk van meditatie zoals deze in de (zen)boeddhistische traditie wordt beoefend, is in wezen zo eenvoudig. Eigenlijk doen we niks meer dan in stilte zitten op een kussen en tussendoor in stilte wandelen. Door uiterlijk stil te zijn en onze aandacht naar binnen te richten, komen we a.h.w. onmiddellijk in contact met datgene wat dieper in ons leeft : onze gedachten, onze gevoelens , onze neigingen, voorkeuren en afkeren… Tegelijk ontwikkelen we een aandacht en gewaar zijn voor wat zich buiten ons afspeelt.
We worden ons stukje bij beetje bewust van het feit dat alles voortdurend in beweging is, ook en vooral datgene wat we doorgaans “ik” noemen. Door bewust te worden van ons beweeglijke en stromende zelf en de beweeglijke en stromende wereld rondom ons, groeit een besef van openheid en het feit dat al wat bestaat met elkaar verbonden is en zich seconde na seconde vernieuwt.
Het goede nieuws daarbij is dat deze openheid veel mogelijk maakt, ons als het ware adem geeft en ruimte schept om creatief te handelen. Een heel positief aspect ervan is b.v. dat het altijd mogelijk is om nieuwe wegen in te slaan, het “oude af te leggen” en een “nieuwe frisse tenue aan te trekken”. Het nieuws waar we doorgaans minder blij mee zijn, is dat wij, net als alles wat bestaat, tijdelijk en vergankelijk zijn.
Dit leidt voor mij tot een soort “mentale spreidstand”. Enerzijds besef ik hoe onooglijk klein en onvermogend ik wel ben ten aanzien van de grootsheid van deze wereld en binnen de onmetelijkheid van ruimte en tijd. En tegelijk ben ik mij bewust van de impact van elk van mijn gedachten, woorden en daden te midden deze oneindigheid. Het betekent voor mij ook dat ik mijn leven gedragen weet binnen een onvatbaar en onnoembaar mysterie dat wij allen samen mee belichamen en waarbinnen we inter-afhankelijk zijn van mekaar. Aldus groeit een besef van wederzijdse verantwoordelijkheid.
Een verantwoordelijkheid die ik dag na dag probeer op te nemen ten aanzien van mezelf, mijn medemensen, de natuur en alle levende wezens.
Dit wat zich hier en nu concreet in mijn leven afspeelt, is dus niets minder dan de volheid van mijn spirituele weg die ook een stuk van onze gezamenlijke weg is én deel van de Grote Weg, moment na moment. Daar hoort alles en iedereen bij, het aangename en het pijnlijke, het goede en het kwade, de mensen die me dierbaar zijn en die waarmee ik het moeilijk heb …
Elke dag, elk moment opnieuw hebben we mogelijkheden om vrij te handelen en te proberen verbinding te maken, kleine vrede te stichten, dichtbij en verder weg. Soms lukt me dit al aardig maar de realiteit gebiedt me te erkennen dat ik soms ook faal. Maar vanuit de openheid van “niet-weten” en het besef dat we allen “één lichaam vormen”, weet ik dat het mogelijk en goed en vooral ook nodig is om steeds opnieuw te beginnen en anderen ook die ruimte te laten. Op wie of wat zou ik wachten ? Op wie of wat zouden wij wachten ?
Hoe talloos de levende wezens ook zijn,
ik beloof ze allen te bevrijden.

Hoe peilloos de oorzaak van lijden ook is,
ik beloof haar geheel te verwijderen.

Hoe grenzeloos de werkelijkheid ook is,
ik beloof haar te zien.

Hoe eindeloos de weg van ontwaken ook is,
ik beloof hem ten einde te gaan.

Vredeswake-7716Nadia Fadil,

doctor in de sociale wetenschappen en onderzoekster aan de KU Leuven,
neemt actief deel aan het maatschappelijk debat
en kiest daarbij o.m. stelling voor gelijkwaardigheid over alle religieuze en andere verschillen heen

Het gebed der ongelovigen
Ongelovig. Het lijkt een scheldwoord te zijn geworden. Iemand bestempelen als ongelovige staat immers gelijk aan het brandmerken van iemand als minder, als niet volledig, als afwijkend. Toch wil ik hier, in deze context, het gebed der ongelovigen voorlezen. Het gaat hier om mijn lievelingsgebed, dat mij telkenmale kracht geeft wanneer ik het reciteer tussen twee buigingen door, of wanneer ik mij even spiritueel bezin tussen de alledaagse beslommeringen door. Het gebed der ongelovigen is het 109e gebed in de Koran, en behoort tot de zogenaamde korte gebeden. Het wordt, zoals de andere verzen uit de Koran, gekenmerkt door een ritmische toon die de gelovigen appelleert tot iets. Het is ook op die manier dat we de Koran kunnen begrijpen: het is een appél tot de gelovigen, het richt zich rechtstreeks toe tot de volgelingen van Allah – God, en diens profeet. In dit geval spoort het echter moslims aan om zich te richten tot hun mede-ongelovigen – de ‘kafirûn’. De kafirûn die in de Mekkaanse context verwijst naar de polytheisten en die ook door de eerste moslims als tegenstanders worden beschouwd – omdat ze vijandig stonden ten aanzien van de groeiende religie. Maar in plaats van hen aan te sporen ten strijde tegen hen te trekken in de beginjaren (iets wat in de latere jaren en verzen wel zal gebeuren), zien we hier een oproep om elkaars verschil te onderkennen, om zich tot elkaar te verhouden vanuit een beginsel van wederzijdse aanvaarding en respect.
In tijden waarin religie gelijk staat aan geweld, en de Islam geassocieerd wordt met intolerantie, lijkt het mij belangrijk om die kernboodschap die vervat staat in het sûrat-al-kafirun, mijns inziens een van de krachtigste verzen uit de Koran, alsnog te onderstrepen. De erkenning van de kafirûn, of andersgelovigen, is niet neerbuigend noch vijandig. Ze berust, daarentegen, op een diep pluralisme, dat ieder erkent vanuit zijn gelijkheid. Het is net die erkenning van het diepe verschil dat vandaag vast lijkt te zitten, zowel bij moslims als niet-moslims. Voor moslims is de kafir verworden tot een scheldwoord, iemand die een voortdurende bedreiging vormt voor de zuiverheid van het eigen geloof. Voor de niet-moslims zijn moslims vandaag de incarnatie van het geweld en de intolerantie, en moeten daarom voortdurend vanuit een positie van wantrouwen onder de knoet worden gehouden. Het verschil tussen de twee wordt als bedreigend gezien, omdat men ervan overtuigd is dat die ‘andere’ heimelijk het eigen zijn wil ondergraven.
Laten we daarom terugkeren naar de geest van die Mekkaanse traditie, naar die beginjaren van de Islam. Naar een periode waarin pluralisme niet als bedreigend werd gezien, maar eerder een uitnodiging vormde om na te denken over wederzijds respect en aanvaarding in het verschil.
Zeg: “O ongelovigen.
Ik zal niet dienen wat jullie dienen.
En jullie dienen niet wat ik dien:
En ik dien niet wat jullie dienen.
En jullie dienen niet wat ik dien.
Jullie hebben jullie godsdienst en ik heb mijn godsdienst.”

Getuigenis Bleri Lleshi

Vredeswake-7802Hij droomt van een samenleving waarin liefde de maatstaf is – échte liefde, die mensen laat bloeien en groeien, en verbindt. In zijn bestseller Liefde in tijden van angst stelt hij de hedendaagse angstcultuur aan de kaak en pleit hij voor een echte liefdessamenleving. Zijn filosofische ideeën zijn geworteld in het leven van elke dag en in de verhalen van gewone mensen die hij onder meer als jongerenwerker in Brussel verzamelt. Geboren in Albanië, woont, werkt, leeft en engageert hij zich sinds zijn achttiende in België. Liefde is de Gulden Regel van Bleri Lleshi, die voor ons een bijzondere boodschap heeft.

ONZE DROOM – DEEL 2

Stel je eens voor, als dat zou kunnen … dat alle mensen op deze planeet hun levensvervulling in de liefde vinden en niet in het geld of de macht; dat kinderen niet langer geleerd wordt dat de ene mens meer is dan de andere, maar dat ze integendeel voluit hun spontane goedheid en natuurlijk aanleg tot mededogen mogen uitleven in daden van solidariteit, waarmee ze ons, de volwassenen, mateloos ontroeren.
Stel je eens voor, als dat zou kunnen …dat de liefde zich niet langer moet verschansen in de privésfeer, en zich er niet toe laat verleiden af te zien van de maatschappelijke liefde: de gerechtigheid.
Wij, christenen, joden, humanisten, hindoes, moslims, animisten, boeddhisten … wij houden vol dat onze behoefte aan liefde niet verkeerd is, dat er nog iets anders mogelijk is dan veiligheid door vijandsbeelden, een overvloed aan wapens, atoomafschrikking; en nog iets anders dan welvaart door uitbuiting en ontwrichting van het klimaat.
Bij ons horen toch de mensen met ergere pijn: de langdurig werklozen, weerlozen, thuislozen, daklozen, landlozen, staatlozen, rechtelozen, naamlozen …
Wij samen, wij zijn in staat ons leven te herbronnen, de wereld te herdromen. Stel je eens voor, als dat zou kunnen …
Maar dan moet de conceptie zich nu wel voltrekken, de geboorte gauw ingeleid worden.
Jij, man, vrouw, jongere, mens-op-leeftijd, wie je ook bent, jij, gevoed door een inspiratie die jou gegeven is, en mogelijk wel verrijkt met de inspiratie van anderen: je bent gezocht en gevonden om samen met ons, stap voor stap, schouder aan schouder, onze geest te ontdoen van opgedrongen angsten en voor-oordelen, van het vastgeroeste denken dat we moeten wachten op orders van bovenaf. Het is jouw vrijheid om vrede waar te maken, hier en nu, waar je woont, werkt, leeft …
Laten wij ons dan begeesteren door liefde, liefde die, dwars door alle overtuigingen en tradities heen, zich telkens weer openbaart in deze gulden regel: ga om met anderen zoals je wil dat anderen met jou omgaan.
Stel je eens voor, als dat zou kunnen. Het kan.

OPROEP TOT ENGAGEMENT

Beste vredesmensen,
Is het alleen maar een mooie droom…
…dat mensen met elkaar in dialoog treden, ongeacht de verschillen in levensbeschouwing, zonder zichzelf op te dringen of hun eigenheid te verliezen, zonder machtsambities of verborgen agenda’s…
…dat mensen zich in hun leven laten leiden door de gulden regel – behandel anderen zoals je zelf behandeld wil worden – en dat die gulden regel hun kompas is op de weg naar een wereld waarin liefde, vrede en gerechtigheid heersen…?
Wij geloven oprecht dat het meer is dan een mooie droom, dat meer en meer mensen bereid zijn om die droom waar te maken, dat mensen overal ter wereld stappen zetten – klein en groot, heel vaak onzichtbaar, maar niet te stoppen – naar een samen leven waarin ‘compassie’, mededogen de maatstaf is voor de omgang tussen mensen…
De getuigenissen die we vandaag mochten beluisteren sterken ons in die overtuiging.
Maar ook dat wij hier weer met zovelen samen zijn, is een hoopvol signaal.
Jullie weten intussen dat elke vredeswake ook uitdaagt: om zelf een kleine stap te zetten, om straks naar huis te gaan met een sterk voornemen – wij komen hier niet vrijblijvend samen!
Straks bieden we jullie allen een boekje aan met ‘Wakkere woorden voor VREDESWERK met SPIRIT’.
Uit verschillende religieuze en levensbeschouwelijke tradities verzamelden we woorden, zinnen, verhalen, gebeden…
We hebben ze geordend volgens de dagen van de week, gespreid over twee weken, vijf teksten per dag, zeventig in totaal dus.
Laat het boekje thuis zichtbaar rondslingeren, neem elke dag een woord, een verhaal, een gebed tot je, leg het op je leven, laat je inspireren, geef de woorden en zinnen handen en voeten.
Breng zo spirit in je leven, laat je vredeswerk bezield zijn en word een aanstekelijk vredesmens!

Slotwoord

Beste vredesvrienden,
22 maart 2016 viel midden in de voorbereidingsperiode van deze zesde vredeswake. De gebeurtenissen van die dag confronteerden ons opnieuw in alle hevigheid met de vraag die dan moet gesteld worden: wat hebben geloof en geweld met elkaar te maken? Een simpel antwoord is er niet, maar met Karen Armstrong, die er als wetenschapper over nadacht, geloof ik dat terrorisme niets te maken heeft met Mohammed, zoals de kruistochten niets te maken hadden met Jezus. En ik kijk vooral met verwondering en bewondering naar de kracht en de bezieling die zoveel mensen wereldwijd vinden in hun geloof of levensbeschouwing om dag na dag, in kleine en grote daden, werk te maken van vrede.
Die bezieling klonk vandaag door in de sterke en moedige getuigenissen van onze gasten, die ik daarvoor van harte wil danken:
– Laurien Ntezimana
– Mustafa Kus
– Marijke Deconinck
– Geert Acke
– Nadia Fadil
– Bleri Lleshi
Bezield klonken ook de muziek en het gezang van het fantastische De Colores onder leiding van Filip Bisschop, sopraan Inge Zutterman en pianist Martijn Devos.
Bijzondere dank aan Brigit, Caroline, Ignace, Jo, Marc en Rik die de wake met veel bezieling mee hebben voorbereid, en dank ook aan alle andere medewerkers die er voor zorgden dat zowel voor als achter de schermen alles vlekkeloos verliep.
Graag nodig ik u uit om zondag 6 november met stip in uw agenda te noteren – dan vindt de volgende vredeswake plaats waarin we ons mededogen voor de vluchteling zullen opmeten.
Bij het verlaten van de kerk bieden wij u zoals gezegd het boekje ‘Wakkere woorden voor vredeswerk met spirit aan’, maar ook zoals gewoonlijk en geheel vrijblijvend – de gelegenheid om bij te dragen aan de organisatiekosten: nu al bedankt daarvoor!
Vredesvrienden,
Als we met z’n allen ingaan op de uitnodiging van Karen Armstrong om ‘compassie’, mededogen, die zo eenvoudige Gulden Regel tot de kern te maken van ons spreken en handelen, elk vanuit onze eigen traditie en overtuiging, dan zal de vraag naar de band tussen religie en geweld zich op de duur niet meer stellen, dan zijn we al een heel eind op weg naar die droom van vrede die dan niet langer een verre en onbereikbare droom blijft.
Het laatste woord is aan het koor.